Verslagen over Mauretanie

Mauretanie
Toegevoegd door Henk Jan v.d. Broek op 17-10-2009 19:40:19

grensovergang Marokko/ Mauretanië

Op Mauretaanse grond is het zeer rustig. De paspoorten worden gecontroleerd en genoteerd en daarna naar de politie. Alle mensen zijn erg aardig en hulpvaardig. Hierna moeten we ook nog een verzekering kopen. Dit is duur: 30 euro voor tien dagen, maar goed we hebben het nodig. Hierna wimpel ik nog een gids af, ben moe en spreek daardoor even erg slecht Frans.
Het Franse stel staat er ook en rijdt naar dezelfde camping in Nouadhibou. We rijden voor het eerst in het donker: eng! Maar gelukkig is het een goede weg naar Nouadhibou. Via de gps vinden we de camping vrijwel direct. Een poortwachter staat ons al op te wachten op verzoek van het Franse echtpaar wat aardig! Oké en dan nu de prijs per nacht... het wordt 3000 ouguiya, dit is ongeveer 9 euro. Erg duur, maar helaas krijgen we allebei er niets vanaf...
Wanneer we staan is het al 20.15 uur hier en we hebben honger. Ik kook snel een prutje en Henk schrijft ons in. Al met al viel de grens enorm mee, Marokko uitgaan was lastiger... en welnu: NAAR BED!!!

Nouadhibou, Mauretanië

Vanmorgen slaap ik enigszins uit, terwijl Henk de hond alweer vroeg uitlaat. Wanneer hij terug is, zet ik koffie en maken we een plan de campagne. Vandaag wil Henk de olie verversen, maar daar heb je olie voor nodig en voor olie heb je geld nodig...
We lopen naar de overkant van de weg en vinden meteen een bank: dicht. Ik loop nog een paar keer terug, maar de bank blijft dicht. Ik vraag aan de meneer van de camping hoe laat de bank open gaat, negen uur.
Om tien over negen loop ik nogmaals naar de overkant: dicht...
Ik vraag het aan een andere man en hij vertelt dat alle banken dicht zijn vandaag, omdat het zaterdag is: oeps... Wel schijnen we te kunnen pinnen met visa, prima. We lopen een stuk verder de weg af en zien een stuk of vijf banken allemaal dicht. Er is er één met een pinautomaat maar die heeft storing...
We gaan op zoek naar motorolie en vinden het bij een ‘Total’ tankstation. Voor 15 liter betalen we 8400 UM omgerekend is dat ongeveer €24,-. Het is het goedkoopst dat we kunnen vinden, nu nog geld. Om een uur of twee lukt het Henk om te pinnen en de motorolie te kopen. Hierna is de klus snel geklaard. Ik houd m’n gemak en lees lekker een boekje. Ben nog erg moe van gisteren.
Het Franse stel, de man heet Michel, heeft voor ons twee biertjes achtergelaten en een telefoonnummer van een meneer die ons gaat helpen bij de grens met Senegal, het schijnt bij Rosso dan iets sneller te gaan...
Morgen gaan we piste rijden naar Choum. We zijn zeer benieuwd hoe ons rode gevaarte het gaat doen in het zand... Spannend!

piste Nouadhibou naar Atar, Mauretanië

We staan vroeg op, drinken een kopje koffie en vertrekken. Op straat is het al druk en we stoppen even om brood in te kopen voor twee dagen. Hierna rijden we door, Nouadhibou uit. We hoeven bij de douane stop de stad uit niet te stoppen en we mogen zo doorrijden. Na ongeveer 95 kilometer komen we bij het plaatsje Bou Lanouar waar we aan de piste gaan beginnen. Het dorpje is klein, maar de piste vinden blijkt nog een hele klus. Wanneer we op de piste zitten schrik ik een beetje. Het is echt alleen maar zand, stenen, kamelengras... dit wordt een lange rit. Ons enige oriëntatiepunt is de spoorlijn die paralel langs de piste loopt. Wanneer je zuidwaarts blijft van de spoorlijn is er niets aan de hand, ten noorden van de spoorlijn liggen ontelbaar veel landmijnen. Na heel wat zand, gehobbel en stenen ontwijken stoppen we. Nadat we een oververhitte hond meermalen hebben besprenkeld met water en even later hebben toegedekt met een natte theedoek. We stoppen om half zes en net optijd. Onderweg hebben we regen gehad in de Sahara (?) en wanneer we uitstappen hebben we een kleine zandstorm. Overal, maar dan ook overal is zand. Tot overmaat van ramp is ook de box met de biotex en soda opengevlogen en zit een kast helemaal onder dit aangklonterde goedje. In het ‘huisje’ is het maar liefst 35 graden, maar we kunnen in de storm de ramen niet opendoen. Na een tijdje gaat gelukkig de wind liggen en kunnen de ramen weer open. Boris koelt na een lange tijd ook eindelijk af.

We hebben de wekker gezet om vijf uur, maar worden pas wakker om zeven uur... na een snel ontbijt gaan we weer verder. Vandaag is het minder benauwd. Het windje voelt niet constant aan als een föhn. Na honderd kilometer komen we langs grote Ben Amira en zijn zusjes. Ben Amira is een grote monoliet van wel 450 meter hoog, hoger dan Ayers Rock. We stoppen even om de grote broer op de foto te zetten en we rijden door naar Choum. Dit dorpje is wederom weer zeer klein en stelt niet veel voor. We vragen even de weg naar Atar en we blijken op de goede piste te zitten. Op de kaart van reise know how, stond deze weg gemarkeerd als zijnde een gravel weg, maar het is verre van dat. Na heel wat stops, politie en douanestops komen we eindelijk op een asfaltweg uit en kunnen we weer even lekker gas geven, toch best fijn! Om een uur of vijf bereiken we onze bestemming: camping Bab Sahara. Gerund door een Nederlander, Justus en een Duitse dame Cora, maar wat blijkt ze zijn zelf op vakantie. We mogen hier blijven voor 12 euro per nacht, dure grap, maar we besluiten het toch te doen. De camping is erg gezellig. Henk en ik zijn beiden zeer uitgeput en na een simpele maaltijd en een lekkere douche duiken we snel het bed in waar we geen oog dichtdoen vanwege de hitte...

Om zeven uur zijn we weer (of nog...) klaarwakker en staan we op. Ik krijg een vette kus, want ja hoor ik ben jarig, 28 vandaag. Helaas doet onze telefoon het hier niet en zullen we pas kunnen bellen waarschijnlijk in Nouakchot, helaas.

Ik vier mijn verjaardag met lekker luieren: koelkast ontdooien, wasje doen, afwassen en een boekje lezen in de schaduw. Een welkom dagje na al het getril en gehobbel van de afgelopen dagen. Vanavond kookt Henk, nog een cadeautje! Boris ligt ondertussen al de hele ochtend voor pampus onder de Daf in het koele zand. Hij moet net als wij weer even bijkomen...

Onderweg naar Nouakchott, Mauretanië

We staan op ons gemakje op, kopje koffie, stukje vers stokbrood en nog gauw even een lekkere douche, beetje fris, maar wel lekker. Hierna nemen we afscheid van Mohammed en rijden we richting Nouakchott. Onderweg stoppen we een paar keer om mooie plaatjes te schieten. Om een uur of drie/ vier stoppen we langs de weg. We rijden van de weg af en gaan richting een paar zandduinen. We zoeken een plekje met een grote boom, voor Boris. Het zand onder een boom is minder warm dan het zand in de zon logisch...

Onder de boom liggen verschillende botten van een geit en dromedaris. ‘En route’ kom je veel karkassen tegen. Ik zoek ook een plekje voor de Daf in de schaduw en pak een boekje. Ik zit samen met Boris op de handdoek te genieten. Henk Jan (die ook in Afrika nooit stilzit) doet de klep aan de zijkant open en jawel: de hangmatten worden opgehangen en uitgeprobeerd. Ze hangen heerlijk! Muziek klinkt zachtjes op de achtergrond, Macy Grey, Santana...
’s Avonds eten we samen in de schaduw de laatste spaghetti van gisteren en genieten van het uitzicht. Boris is alert, hij ruikt lekkere dromedarissen op een afstandje. We besluiten, omdat het zo warm is in ons ‘huis’ dat we de boel morgen afwassen (we zijn niet lui) en gaan voldaan in de hangmatten liggen en wachten op de sterren...

Het is een geweldig gezicht. Ontelbaar veel sterren, satellieten en een felle maan. Op de valreep zien we nog een vallende ster, net vuurwerk. Om een uur of acht lees ik nog wat en Henk Jan begint al snurkende geluidjes te maken naast me. Om half negen taaien we af en besluiten ons warme nestje in te duiken, ach het is slechts 29 graden, beter dan 35 van twee nachten ervoor. We slapen heerlijk, want als we opstaan, wederom om zeven uur, is het nog maar 22 graden, heerlijk!

Nouakchott, Mauretanië

Oei: 22 graden wat koud! We trekken allebei ons dikke wintervest aan en ontbijten met koffie en een oud stuk brood met honing. Nadat koning Boris getoiletteerd heeft, hijs ik hem de cabine in en gaan we ervandoor, next stop: Nouakchott. Zo’n dertig kilometer voor Nouakchott begint de bedrijvigheid al. Verschillende nederzettingen passeren de revue evenals bergen dromedarissen en geiten, Boris is ondanks de hitte weer enorm alert: grooooote honden! Ook de politiestops, gendarmeriestops en douanestops zijn ontelbaar...

In Nouakchott is het opletten geblazen. Hoe neem je deel aan het verkeer, in één woord: ‘douwen’. Henk ‘douwt’ er dan ook op los, we zijn immers rood én groot. We parkeren middenin het centrum in het zand. Verrotte mercedessen passeren van alle kanten. Ik stap uit en laat Boor meteen even drinken. Ik installeer mij naast de Daf met Boor en water. Ik bekeijk alles eens rustig vanaf mijn plastic krukje. Ik word wel een beetje aangestaard vanwege Boris, maar niemand valt me lastig. Op een gegeven moment ‘spot’ ik een dame die gehurkt een eindje bij me vandaan zit en me naar mijn gevoel aanstaart. Even later staat ze op, schudt met haar benen wijd met haar achterste en loopt door zonder me ook maar één blik te gunnen. Aha, ze zat te plassen...

Henk Jan gaat inmiddels langs bij een vierde bank om te kijken of hij daar wel kan pinnen. Bij de zesde bank lukt het: yes! Hierna doen we Boor achterin en lopen we naar een internetcafé. We moeten nog een paar mensen mailen en willen echt even nakijken of we geen visum voor Senegal nodig hebben: nee dus. Ik ga ondertussen met geld op zak op zoek naar groenten. Ik loop door een drukke winkelstraat met allemaal kleine naaiateliers, tassen, doeken, maar geen groenten. Onderweg passeren de verrotte mercedessen je in een hoog tempo, met de claxon ingedrukt. Ik loop terug naar Henk die inmiddels klaar is met internet en we lopen een andere kant op. We komen bij een stalletje met twee dames die ons graag van alles willen verkopen. We kopen dan ook van alles: aardappelen, uien, wortels, aubergines, paprika. Hierna lopen we terug met het zweet in onze bilnaad en bevrijden Boris van de hitte, nja bevrijden, in ons ‘huis’ is het koeler dan buiten... Hierna rijden we verder, we willen geen camping in Nouakchott, maar een rustig plekje.

Om een uur of half vier stoppen we langs de weg bij een zandduin. Hier staan we niet prettig en besluiten naar de andere kant van de weg te rijden. We staan perfect recht, dus we rollen niet uit bed en de pannen vallen niet van het fornuis. Ik doe voor de mooie gordijntjes van oma dicht en loop met alle spullen naar achteren. Henk Jan is binnen alle ramen aan het opendoen. Ik sta onderaan de trap en ja hoor... Een meneer die me aanspreekt. Ik vloek even in mijn hoofd, ik wil even niets! Zodra Henk buiten komt, blijkt dat de jongeman bijna geen Frans spreekt. Hij, Abdullah, is een herder en zijn geiten lopen verderop. We raken aan de praat met handen en voeten, terwijl hij op een stokje kauwt. De Mauretaanse tandenborstel. Henk vraagt meteen van welke plant/ boom deze komt en de meneer laat het zien. Even later poetsen we drieën onze tanden met de nieuwe tandenborstel. Nu we toch tandenborstels aan het uitwisselen zijn, geven we hem een ‘westerse’tandenborstel die na enige aarzeling in zijn buidel wordt gestopt. Hij loopt weg en even later is hij terug met nog twee tandenborstels voor ons. We laten hem de foto’s van Holland zien en bieden hem koffie aan, dit wijst hij af. We luisteren ondertussen naar zijn Mauretaanse radio, waar wij natuurlijk niets van verstaan, maar het is wel gezellig.

Later eten we bietensalade, worteltjes en gebakken aardappeltjes. Geen vlees, vlees is op... Hierna gaan we naar binnen, het wordt koud, waar het slechts 26 graden is. We doen de vaat, ontdoen Boris van stekelballetjes uit het gras/ gewas? En hangen de klamboe op. De grensovergang met Senegal wordt een heftige naar alles wat we erover hebben gelezen en gehoord, waarschijnlijk gaan we dat overmorgen meemaken. Nu is het bij jullie half twaalf en bij ons dus half tien, nog even een kopje thee en morgen weer verders!

richting Birette, Mauretanië

We besluiten niet bij Rosso over de grens te gaan, maar bij Diama. We hebben namelijk verschillende ‘horror’- verhalen gelezen over de grens met Senegal bij Rosso. Op een website voor overlanders lezen we dat Diama ook niet zo’n pretje is, maar we wagen het erop. Bij Rosso slaan we dus rechtsaf een piste op die in het regenseizoen er niet is. We rijden over een slechte piste die bestaat uit een dam/ dijk van zand. Halverwege zijn ze met zwaar materieel bezig en is de piste dus nog slechter, maar ach het gaat.

Om een uur of vier stoppen we nadat we langs de Daf wrattenzwijnen hebben zien rennen, verschillende vogels hebben zien vliegen en jawel twee kleine krokodillen hebben gezien. De omgeving is een stuk natuurpark: reserve de diawling. Je mag hier eiegnlijk niet parkeren, we doen het toch...

Heel de tijd staat er een lekker windje en we hopen, omgeven door riet en een moerasachtig landschap dat het meevalt met de muskieten. Om een uur of half zeven spot ik de eerste. Ik ga gauw naar binnen en doe mijn pijpen aanritsen, sokken aan, schoenen aan, vest aan. Ik zit weer buiten in een boek verdiept en plots hoor ik geweerschoten... het lijkt ver weg... na het vijfde schot ga ik toch maar naar binnen. Henk laat Boor nog even uit en wil zelf ook een boompje water geven, maar er zijn zoveel muggen...

Terug in de Daf ben ik als een bezetene muggen aan het kapotslaan. Henk trekt een lange broek aan en doet mee. Ook gaat hij plassen op het toilet, waar hij lek wordt geprikt. We kruipen met kleer en al aan in bed onder het muskietennet en kleden ons daar uit. Het is een broeierige, lange, lawaaierige nacht... dit doen we nooit meer!

 


Bekijk foto's van Mauretanie >