Verslagen over Mali

Mali
Toegevoegd door Henk Jan v.d. Broek op 27-11-2009 13:19:57

Satadougou, Mali

Het plaatsje Satadougou was niet moeilijk te vinden, maar voor ons gevoel liep de weg iets anders... in Satadougou stoppen we om te vragen hoe we bij de rivier moeten komen en of deze doorrijdbaar is. Een oudere man is zeer gewillig en checkt met Henk hoe diep het is. Het water komt bij Henk tot aan zijn middel. De ondergrond is vast en stevig, dus het zou moeten kunnen...

Na wat gesleutel en een eigengemaakt stop van hout om in het koppelingshuis te drukken kunnen we. De aardige meneer waadt door de rivier voor ons en geeft aan hoe we moeten rijden. Het water is diep, maar komt niet naar binnen! Eenmaal aan de overkant stap ik uit met Boor en Henk sleutelt weer wat aan de Daf. Wanneer we klaar zijn en weer zitten, wil de meneer die ons geholpen heeft (een half uurtje van zijn tijd even door wat water lopen) maar liefst 10.000 CFA. Belachelijk! We leggen uit dat we voor een half uur werk 10.000 CFA wel erg veel vinden. Dat is nl €15, 27. zelfs voor Nederlandse begrippen is het veel! We betalen de man uiteindelijk 1.000 CFA en een pakje peuken.

We vervolgen de route en stoppen bovenaan de rivier. Hier slapen we vannacht. Henk Jan sleutelt nog wat aan de Daf en ik trek mijn bikini aan en neem een plons in de rivier. Haren wassen, alles wassen! Hierna kook ik wat lekkers en is het Henk’s beurt om een plonsje te nemen. Gelukkig is het al snel donker en hebben we bijna geen aanloop, behalve van een verdwaalde koe die Boor niet durft te passeren.

De volgende morgen zetten we koers naar Keniéba. In Keniéba halen we bij de douane een lasser passer voor 9.400 CFA, achteraf denken we te veel betaald te hebben hiervoor... bij de politie is de chef van de stempel niet aanwezig en dus worden we verzocht door te rijden naar Bafoulobé, of Manantali. We vragen meerdere malen onderweg welke route mooier is. We krijgen van meerdere te horen dat de route naar Manantali mooier is. We rijden eerst richting Djiourbelli en buigen dan af naar het oosten toe. We stoppen voor Kassama onderaan de berg en overnachten hier, nadat Henk vijf keer heen en weer heeft gereden om het gras plat te maken. We slapen heerlijk, het koelt ’s nachts lekker af en ’s morgens is het maar 14,9 graden!

Nanifara, Mali

Bergje op gaat prima, niet snel, maar we komen er. Eerst passeren we Kassama. We stappen uit en kopen brood. Ook zitten er een paar dames met lokale groenten. We vragen hoe het bereidt moet worden en kopen ook hiervan het één en ander. De mensen zijn hier erg vriendelijk en Henk schiet hier verschillende plaatjes. De omgeving is prachtig: bergen, groen en mooie dorpen verspreid her en der door het landschap. Onderweg passeren we vele dorpen, waar helaas iedereen roept om cadeaus...

De weg vervolgt zich over de berg door kleine dorpen en riviertjes. Volgens de Reise Know how gids moet het erg mooi zijn, maar een moeilijke piste. Dit is ook zo. We kruipen af en toe voorwaarts, maar de omgeveing maakt meer dan goed.

We stoppen even om een flinke tak af te zagen en meteen komen er kleine kinderen aangerend die van alles willen hebben. Er is één jongedame bij die erg brutaal is.

Om een uur of drie zijn we op zoek naar een mooi plekje en komen we bij een te grote, lage boom om onderdoor te rijden. We proberen rechts van de weg de boom te passeren, maar het is hier te zacht. Dan probeert Henk het via de linkerkant. Het gaat even goed, maar dan zitten we echt vast... Volgens Henk moeten we er met een half uurtje uit zijn. Hij begint te spitten en legt een rijplaat onder het linker voorwiel. Hij geeft gas. Het wiel graaft zich nog dieper in en het rechterachterwiel slipt flink. We hebben totaal geen grip. We proberen het nog eens...

Even later stappen er drie mannen van de fiets en beginnen meteen te graven. Nog even later komen er nog meer mannen helpen. Ook de chef van het dorp helpt mee, nadat hij even tegen mij heeft gezegd wat wel een weg is en wat niet! Ik leg uit dat de boom te laag was. Hierop geeft de chef meteen opdracht tot het afhakken van de tak. Een ander mannetje klimt meteen in de boom en begint als een bezetene te hakken.
Ondertussen passeren er wat dames en jawel ook de brutale jongedame benadert me van achteren en geeft me een tikje op de bips, waarna ze Boris aan de lijn ziet en zo hard wegrent dat ze valt over haar eigen benen...

Om een uur of zes begint de Daf flink te roken en ja hoor, we zijn er uit. De mannen helpen ook nog met de rijplaten weer op hun plek doen en ik zet alle nieuwe vrienden op de foto. We vragen of we een donatie kunnen doen voor het dorp, waarop de mannen meteen zeggen dat ze het liever zo krijgen. Zij hebben er immers voor gewerkt. Voor alle elf mannen geven we 10.000CFA. We hebben niet kleiner en zonder hen hadden we er waarschijnlijk geslapen... ook geven we een voetbal (Boris heeft er nog één) en vragen we of we kunnen slapen bij het dorp. Geen probleem. We beloven de foto uit te printen en te geven aan de mannen. ’s Avonds om half zeven staan we eindelijk op een stukje landbouwgrond net buiten het dorp Nanifara. We mochten ook slapen in het dorp, maar met de hond is dat geen succes (en voor de rust ook niet...). we eten lekker pindasoup met rijst en bekijken samen alle foto’s en filmpjes van vandaag. We hebben weer een hoop indrukken te verwerken, maar wat was het weer een onvergetelijke dag, zelfs het verzakt zitten was leuk!

De volgende morgen hebben we net ons ontbijtje achter de kiezen of er staan wat kinderen van een afstandje te kijken. Zodra Boor iets beweegt stuiven ze weg. Één van de mannen die ons geholpen heeft, komt vragen of we lekker geslapen hebben en of het nog gelukt is met de foto. Die is gelukt en we halen hem meteen. We liggen met zijn allen weer in een deuk. De man schudt nogmaals onze hand en vertrekt weer.

Natuurlijk komt ook even later wanneer ik binnen de vaat aan het doen ben, mijn grote vriendin aangehobbeld met nog veel meer kinderen. Ik geef haar een lege colafles, waarop er een klein opstootje begint. Nadat we alles hebben ingepakt en we zitten, moeten we alle kinderen nog even een handje geven en wordt er natuurlijk nog van alles gevraagd: geld, kleding, ballen....

piste richting Manantali, Mali

Na Nanifara gaan we over de Balinn rivier heen, over smalle bruggetjes. Het landschap is erg mooi. Na wat mooie bergpassen bereiken we Koundian (staat wel op de kaart, de hele piste die we tot nog toe gereden hebben stond er niet op). Koundian is wat groter, ook zou hier een ruine moeten zijn, maar die hebben we gemist. We vergapen ons aan het mooie uitzicht.

Hierna wordt de piste beter. Breder en af en toe gaten en stenen. Vandaag rijden we meer dan gisteren (dat was nl 40 kilometer...). Eenmaal het dorp uit rijden we over een stalen bruggetje. Na drie kilometer nog één. Hierna komen we in een heel groen dal waar we even stoppen en de benen strekken. De omgeving is weer adembenemend mooi, met hoge palmen en mooie rotsen. Dan gaan we de berg weer op en hier ligt allemaal beton. Daffie doet het op zijn gemakje, maar wederom komen we weer boven! Bovenop is het landschap een beetje afgefikt en zie je niet zoveel door de hoge begroeiing. Plots gaan we weer wat naar benee en zien we de grote stuwdam van Manantali. Ik maak stiekem wat foto’s. Ik vraag de weg naar de ‘gendarmerie’ en een meneer wijst ons de weg door voor ons uit te rijden. Eenmaal daar ga ik er maar eens uit en de papierwinkel regelen. Ik word ontvangen door een mannetje in uniform wie ik uitleg geef over het feit dat we nog geen visa hebben... Dit had ik beter niet hoeven doen, want ik word door verwezen naar een chef. Dit is een zeer lange, vriendelijke man. Ik leg de situatie uit en hij bladert door ons paspoort. Er is geen probleem. Even later komt Henk ook polshoogte nemen en maakt een vriendelijk praatje.we krijgen een stempel dat we moeten laten verlengen in Bamako. Tot aan Bamako zijn we legaal, maar erna illegaal. Geen probleem, er zit geen tijdslimiet op.

We verlaten het politiestation en rijden even Manantali in waar ik inkopen doe. Een sim-kaart voor de telefoon is hier veel te duur. Helaas, we kunnen niet bellen... Maar uien, aardappelen, knoflook, komkommers en eieren hebben ze wel. Inslaan dus. Hierna besluiten we uit eten te gaan. De dame van het restaurant serveert rijst met vis of vlees voor samen nog geen twee en een halve euro. Doe maar! Henk neemt vlees en ik vis. Het is zo veel, dat ik mijn bord leeg in een bakje voor de hond wat geen probleem is. Toe krijgen we nog mango stukje met een schijfje citroen: heerlijk! De dame die ons serveert heet Sara. Ze is ook de eerste Afrikaan die onze namen goed uitspreekt. Boris heeft ondertussen ook genoeg toeloop. We hebben de Daf nl voor het restaurant geparkeerd, zodat de ramen van de cabine open kunnen blijven en we een oogje in het zeil kunnen houden. Wel tien kinderen houden zich bezig met het bekijken van Boris. Het valt ons hier trouwens op, dat niemand om een cadeautje vraagt: vreemd, hahaha!

Na al dit lekkers gaan we weer een steile weg omhoog een berg op. We zoeken een plekje op de berg een stuk van de weg af. Als we eenmaal staan en de stoeltjes hebben uitgeklapt worden we meteen belaagd door heel kleine vliegjes die het liefst in je oor of oog gaan zitten: zeer irritant. Gelukkig schemert het nu en zijn ze vertrokken. We zitten lekker onderuit en genieten van al het moois om ons heen: de baobab bomen zijn zo mooi...

route Manantali - Kita, Mali

Afgelopen nacht was het weer even spannend, dames en heren. Henk Jan merkte namelijk alweer een fikje op en het was de vraag of we konden blijven staan. Gelukkig kwam het niet dichter bij en stonden we veilig. Toch maar met één oogje open geslapen...

De volgende morgen vertrekken we richting Kita. Vandaag zijn we het al snel zat en besluiten voor Kita ergens te stoppen bij de bakoy rivier als het mogelijk is. Onderweg passeren we vele dorpjes en velden met een soort graan. Veel van het overige land is afgebrand, maar waar gras staat, is het erg hoog. Sommige stukken van de weg zijn geasfalteerd, maar het meeste is dirtroad. Overal langs de weg zie je de hoogspanningskabels lopen vanaf Manantali. De stroom van de stuwdam wordt in Kayes gedistribueerd naar Mauretanië, Senegal en delen van Mali.

Overal op de weg lopen dames met op hun hoofd grote pakketten, schalen en hun kind nog op de rug. Sommige schreeuwen om een cadeau wanneer je ze passeert, maar de meesten zwaaien en lachen naar je.

En route zijn ook hele stukken geribbeld, zodat het lijkt alsof je over een wasbord rijdt. Het dakluikje van de Daf is hier niet goed tegen bestand en deze sluiten we dan ook maar, scheelt weer herrie...

Wanneer je ingehaald wordt door een andere auto, hap je letterlijk even stof. Gelukkig gaan zij veel harder en klaart het al snel op voor je. Ook hebben we op een gegeven moment een stuk dat leidt over lavasteen.

Het valt me op dat de mannen die je ziet een fiest hebben en op een paar na een beetje lading hebben. De vrouwen daarentegen lopen, met bapakking op het hoofd en kinderen geknoopt in doeken op de rug, ik voel met ze mee...

Na een tijdje, wanneer we meer zuidoost rijden, zien we heel veel mensen onderweg, bepakt met van alles en nog wat. Zou er ergens markt zijn?
Ja dus: we stoppen in een dorpje waar een grote markt is. Ik word meteen rondegeleid door een vriendelijke man die me alles laat zien en leidt naar een dame die vers brood verkoopt, super! De man gaat gekleed in een mooi roze tenue vol met bloemen. Wanneer ik terug kom bij de daf lijkt het wel of de markt zich hiernaartoe verplaatst heeft. Ze willen allemaal kijken naar de hond en vragen ons de oren van het hoofd. Er is één meneer die vraagt of hij de hond mag opeten, hij is immers wel 50 kilo! Hierop moet ik hard lachen en de meneer lacht de tanden die hij nog heeft ook bloot. Van heine en verre zien we de mensen nog aan komen lopen met allerlei waar dat ze willen verkopen.

Wanneer we in Tanbaga aankomen vraag ik de weg naar Kita, en wat blijkt: ontzettend mooi asfalt! De eerste scheuren zijn hier en daar al zichtbaar, maar hé we rijden weer 80 kilometer per uur! Om ons heen is het nog steeds overal lekker groen. Deze weg is op onze kaarten wit, maar het is eigenlijk een rode weg (goede weg: route nationale).

Wanneer we de Bakoy rivier oversteken over een moderne brug, stap ik uit en vraag of het mogelijk is om te staan aan de rivier: dit is geen probleem. Henk rijdt een stukje onderaan de weg terug en stapt uit om een plekje te zoeken. Ik blijf achter met Boris en alsof we van honing zijn, komen uit het niets horden kinderen aangerend. Ze willen van alles en nog wat: fietsen, snoepjes, 1000CFA, de hond etc... op een gegeven moment vind ik ze te brutaal en laat Boris een keer blaffen. Dit werkt even, maar niet lang. Gelukkig is Henk gauw terug en rijden we naar deBakoy rivier. We vinden een mooi plekje aan het water, maar vragen ons af hoe rustig het is, aangezien we naast een wasplaats staan. We zien wel. De eerste kinderen komen meteen al om het hoekje gepiept. Zodra ik Boor uitlaad, zijn ze (gelukkig) weg.

Hierna begin ik gras om te hakken en laadt Henk de cabine uit. De luifel draaien we uit en we genieten even van de omgeving. Boor neemt een meteen een plons of vijf en vermaakt zich prima. Even later trek ik mijn bikini (met short) aan. Blote borsten zie je nl overal, dat is hier niet sexy, maar alles van boven de knie tot aan de navel is wel sexy. Ik doe een klein wasje in de rivier, nadat ik een lijntje heb gespannen. Boor loopt natuurlijk met me mee en plonst erop los. Net wanneer ik alles aan het uitspoelen ben, komen er kinderen aangelopen, maar vanwege Boor blijven ze op een afstand. Wanneer ik naar de daf terug loop, lopen ze achter me aan, maar ze blijven op afstand, maar ik poedel me dus maar weer binnen... na een half uurtje zijn ze gelukkig verdwenen en lijkt het rustig.

Ik kook buiten onder de luifel. Lekker gebakken aardappelen met een groenteprutje. En jawel, de volgende gast dient zich aan. Het is een jongeman met een klein ventje die erg goed Frans spreekt en even kletst met Henk. Wanneer Henk zich gaat wassen, blijft hij nog staan, maar als we gaan eten gaat hij weg. De jongen vertelde wel dat er krokodillen in de rivier zitten, maar dat het kleintjes zijn...

Na het koken volg ik de instructies van Gabrielle op om popcorn te bakken. Helaas is de mais nog niet goed droog en poppen ze niet zoals het hoort. Hierna rooster ik ook nog verse pinda’s en wat heet: ze zijn heerlijk! In de schil, zonder deksel, werkt super. Hierna lezen we nog even en doen we de vaat. Om een uur of acht gaan we naar binnen, het is met 25 graden al koud! We keutelen binnen nog even en gaan dan heerlijk een koele nacht in: Bonne Nuit!

Bakoye rivier – Kita, Mali

we staan op rond een uur of zeven. Over de rivier hangt een sluier mist en het is nog erg rustig. De vissers van gisteren komen hun netten uithalen en ze zwaaien weer hartelijk naar ons. We doen alles op het gemakje. We nemen eerst een heerlijk bakkie douwe egberts en roosteren brood van gisteren. We smeren boter op de boterham met ham uit blik, een uitje en maiyo en curry, mjammie. Tijdens het ontbijt komt de meneer van gisteren weer langs. Hij blijft niet al te lang hangen. 3 kleine mannetjes volgen en begluren ons constant. We besluiten toch door te rijden naar Kita vandaag. We willen proberen daar te internetten.

Onderweg stoppen we om een meloen te kopen en gebakken balletjes (oliebollen) en guaves in Massala. De meneer die ons helpt is erg aardig.

Na ongeveer 25 kilometer bereiken we Kita. Nadat we een vriendelijke politiestop hebben gehad, worden we staande gehouden bij de ‘íngang’ van Kita. Een meneer wil 1000CFA hebben voor de gemeenschap anders mogen we de stad niet in. Van alle kanten, terwijl ik onderhandel, passeren vele auto’s, fietsen en vrachtwagens ons. Ik vraag waarom wij moeten betalen en zij niet? Ik vraag is het alleen voor toeristen? Ik vertel dat we een ‘lasser passer’ hebben gekocht bij de grens en dat er daar werd gezegd, dat alle wegen in Mali nu gratis zijn. De meneer blijft volhouden. Ik word ‘boos’ en zeg dat we dan omkeren en naar Bamako doorrijden. Als de rest niet hoeft te betalen dan wij ook niet! Ik gooi het zelfs op discriminatie, omdat ik blank ben, moet ik betalen, rot op! De meneer schrikt hier een beetje van en laat ons door. Verderop lachen Henk en ik ons rot, we worden er steeds beter in...

Kita zelf is een stofbende. De asfaltweg houdt op en alles is weer stof. We rijden het centrum in op zoek naar een internetcafé. Dit vinden we niet, maar wel een superdrukke markt waar we nog wat inkopen doen. Ook hier kopen we bij een dame met een dik oog (ruzie gehad?) gefrituurde meelballen met een gekruid sausje, erg lekker.

Terug bij de Daf eten we de ballen op en rijden richting ‘le relais Touristique’. Hier zouden we kunnen parkeren, maar de faciliteiten zijn erg erg slecht. En meneer wil wel 5000CFA hebben voor een nacht. We rijden door naar Hotel L’Oasis. Hier is het subliem. Erg mooi, maar we passen niet door de poort. We parkeren de Daf buiten, met toezicht en beloven hier ’s avonds te eten. We konden een kamer krijgen voor 13000CFA, maar dat is niet nodig... We installeren de Daf, laten Boor uit en gaan zitten met een koud pilsje, heerlijk. Vanavond eten we hier steak met patatten en morgen gaan we richting Bamako.

Kita, Mali

Lieve luitjes, vanmorgen staan we op om half acht en maken alles weer gereed voor vertrek. Wanneer wij klaar staan, moeten we nog even wachten op Zou. De beheerder van het complex om af te kunnen rekenen. Om 9 uur is hij meestal present... Ondertussen laat één van de medewerkers de disco zien, compleet met discobal en bar. Overal staan banken en ook kan de ruimte dienen als bios. Het leukst is het dakterras, waar natuurlijk ook een TV staat met een megaschotel. Afrikanen en hun TV...

Even later komt Zou aangelopen en na het ritueel van ‘bonjour, ça va...’, rekenen we af. We moeten 7000CFA afrekenen (al die biertjes...) en Zou moet even wisselen. Voordat hij vertrekt nodigt hij ons uit voor het Tabaski feest. Nadat Zou is vertrokken, besluiten we het offerfeest hier maar mee te maken. Tenslotte kennen we hier de luitjes en voelen we ons dan minder een buitenstaander.

Wanneer Zou terugkomt, krijgen we het wisselgeld en vragen we of we nog langer mogen blijven. Geen probleem! Hierop parkeren we de Daf ietsje verder onder een mangoboom (vanwege de te verwachte drukte) en besluiten de stad in te gaan op zoek naar een internetcafé. Na ongeveer 2 kilometer lopen, zijn we er. We hebben wel 2 uur nodig om alle foto’s te uploaden. Hierna gaan we nog op zoek naar een sim-kaart, maar zelfs na flink onderhandelen zakken ze nog niets met de prijs, dan niet. We kopen weer lekker een portie gefrituurde meelballen met hete saus en smikkelen deze al slenterend op. Onderweg zien we een mannetje dat gereedschap verkoopt. Henk wil graag een bijl en een soort schep/ ploegje kopen. Voor een bijl wil de man 2000CFA hebben, Henk koopt ze allebei voor 2000CFA en hij loopt tevreden weg. Wanneer we teruglopen liggen verscheidene mensen in een deuk een Toubab met een bijl over zijn schouder, hoe gek.

Langs de weg worden we aangehouden door een meneer op de fiets. Er wordt een stier ritueel geslacht langs de weg en dat moeten we zien! We blijven staan en bekijken het ritueel. Vijf mannen houden de steir op zijn zij, terwijl één man de halsslagader doorsnijdt. Het beest stuipt en gorgelt nog een lange tijd na.Volgens mij was het de bedoeling dat we enigszins geschokt zouden reageren, maar dat doen we totaal niet. Gelukkig zijn we wel wat gewend. We worden ook nog uitgenodigd om te kijken naar het verdelen van het vlees, maar helaas moeten we terug, Boor moet nodig weer even lopen.

Terug bij de Daf haal ik twee koude cola’s en Henk wacht me op bij de Daf met een stuk of acht kleine kinderen. De oudste spreekt voortreffelijk Frans en legt uit dat hij de twee koeien ‘uitlaat’. De kleinere mannetjes kijken alleen en aaien Boris zowaar. Ze zijn gewapend met eigengemaakte katapulten, waarmee ze kleine hagedissen neerknallen en (naar ik begrepen heb) opeten. Zal ook vast wel naar kip smaken...

De allerkleinste brult de longen uit zijn lijfje wanneer hij onze Boor ziet. Hiervan word je natuurlijk erg moe en tevreden ligt meneer met zijn dikke buikje, alleen in t-shirt, op de zandweg. Heerlijk een tukje te doen. Ik verbaas me hier niet meer over, want overal onderweg zie je Afrikanen op de gekste plekken slapen: in kruiwagens, op de grond in de winkel, op de stoep, boomstronken, kortom overal waar de baas het niet ziet...

Nadat we wel uitgekletst zijn met de leuke kleine mannetjes gaan we naar het hotel en gaan aan het bier. ’s Avonds kook ik en we gaan weer terug naar het hotel. We ontmoeten, Ben. Een broer van de burgemeester van Kita die ons een biertje aanbiedt en maar blijft lachen met zijn pretoogjes. Een zeer innemende man. Hierna kletsen we ook nog wat met Zou en drinken een lekker biertje met hem. U begrijpt al waar dit heen gaat... De volgende morgen heeft Maureentje een beetje last van een kater. Ik trek me dan ook lekker terug en wanneer ik even bij Henk ga kijken zit hij heerlijk aan gebarbequede geit, samen met Ben en Shane, een Amerikaanse toerist (oorspronkelijk uit Nieuw Zeeland) die hier een maand blijft om de historie van Kita in kaart te brengen. Het is erg gezellig en het gesmak van de mannen blijft maar doorgaan.

’s Avonds hadden we gedacht mee te eten, maar we zien niets... Om negen uur kook ik dus wat en Shane eet ook gezellig mee. Terwijl we aan het eten zijn, wordt Shane gebeld door Ben:’waar zijn we nou? Het feest barst los in de disco?!’. We lopen na het maaltje dus terug en kijken in de disco. De muziek staat oorverdovend hard en er wordt een beetje gedanst, maar niet zoals we gezien hebben in Gambie. Wanneer we het disk-jockey hok worden binnengebracht, bekijk ik de dvd collectie. Een beetje porno ontbreekt ook niet ; )...

Na een laatste biertje gaan we lekker naar bed. De volgende morgen gaan we door naar Bamako om visa’s te regelen en dan willen we staan in Le Cactus. We hebben via mail gehoord dat een ander Hollands stel ook daar is, Iris en Roderick, en die hopen we te treffen aldaar: leuk!

Bamako, Mali

We vertrekken om een uur of tien en na een half uur rijden begint de Daf kuren te vertonen. Hij trekt niet lekker meer... we stoppen en blazen de filters uit. We vertrekken we en even later wordt het weer erger. We stoppen weer en vervangen het brandstoffilter. Hierna wil ons Dafje helemaal niet meer starten... we blazen nog wat slangetjes uit en warempel hij doet het weer als een tierelier!!!!

Onderweg stoppen we voor brood en dit brood is zo vers dat we er al twee opeten al rijdende. Eenmaal in Bamako rijden van overal om je heen weer de bekende moto-tjes. We stoppen meerdere keren om te vragen of ze bier verkopen, helaas. We stoppen ook alvast bij de ambassade van Burkina Faso om te kijken naar de openingstijden voor morgen. Het is immers zondag. Wanneer we bij Le Cactus aankomen en naar de bar lopen, worden we begroet in het Nederlands. Iris en Roderick (klik hier voor hun site)blijken hier voor drie maanden te blijven om te werken en ervaring op te doen bij Le Cactus. Geweldig. We drinken een lekker koud biertje en kletsen er op los. Na lekkere gebakken aardappelen en een groenteprutje duiken we heerlijk ons bedje in.

De volgende dag blijven we een dagje staan. Henk doet de was, heel veel was, en ik maak de Daf van binnen weer eens grondig schoon. Hard nodig. Op aanraden van Iris en Joan (Canadese eigenaresse van Le Cactus) doen we morgen de visa’s regelen i.v.m. Tabaski. We keutelen lekker wat aan. Ik pers een sinaasappeltje, snijd een stuk watermeloen en als gezond toppertje eten we tussen de middag lekker sla met eigengemaakte honing- mosterd dressing: lekker. Nu houden we ons rustig en drinken zo wat bij de bar en dangaan we proberen te internetten. Een heerlijk dagje vandaag!

Bamako, Mali

We staan lekker vroeg op en starten de Daf. We weten waar de ambassade van Burkina zit en we rijden er zelf heen. Wanneer we er aan komen, word ik begroet door de ‘guardien’ en mag ik doorlopen. We moeten drie formulieren invullen en 25.000CFA betalen per persoon voor het visa. Om twee uur vanmiddag kunnen we het alweer afhalen, lekker snel!. We besluiten de laptop te pakken en Boor even achterin te doen. We rijden rondjes langs alle grote gebouwen om te kijken of we stiekem gebruik kunnen maken van hun draadloze internet. Natuurlijk gaat Afrika ook met zijn tijd mee en zijn alle netwerken zowat beveiligd. We rijden langs hotel Masselaye en besluiten hier de Daf te parkeren (onder toezicht) en lopen naar binnen. Het is allemaal schandalig duur, maar ook schandalig lekker en het internet is echt supersnel. We checken onze mail en zitten aan een heerlijke espresso en bestellen even later (net zoals Dexter, die van DeeDee) ‘un omelet du fromage’. Hierna besluiten we de brug over te rijden naar een grote ‘azar libre service’ supermarkt. Waar we niet aan gedacht hebben is dat alles vaak pas weer om een uur of drie open gaat. We zien een Europees stel (waren ook bij de ambassade) en geven hen een lift. We halen gezamenlijk het paspoort met visa op en we zijn weer blij.

Henk en ik rijden door naar de plaats (politiebureau) waar je het visum kunt aanvragen voor Mali. Dit kan niet meer vandaag en dus gaan we morgen wel terug. Nu zoeken we de Ghana ambassade en deze is helaas al dicht. Al met al wanneer we terugkomen bij Le Cactus, hebben we alleen in Bamako 75 kilometer gereden. Morgen maar een taxi...

’s Avonds eten we de geweldige peppersteak van Joan met gebakken frieten. Het is echt een aanrader. Heerlijk vlees! En hierna kijken we bij de Daf samen met Iris en Roderick naar Monsters vs Aliens: leuk.

De volgende morgen nemen we een taxi naar de stad. De taxichauffeur is erg vriendelijk en brengt ons eerst naar het politiebureau. Het duurt een eeuwigheid. De meneer die de paspoorten inneemt werkt erg inefficiënt en laat af en toe zijn ‘macht’ even gelden. Het kost hier 15.000 CFA. Helaas kunnen we het pas de volgende ochtend om tien uur weer ophalen. Hierna rijden we door naar een grote supermarkt. Wat een keuze, maar ook wat een prijzen... Toch besluiten we een borreltje in te slaan. Bacardi en een Whiskeyfles. Het wordt hier ’s avonds echt al koeler hoor ; )

Hierna gaan we door naar een depot waar we eindelijk bier kunnen kopen. We kopen Castel beer en laten meteen een dop zien (van de vorige avond) waar een flesje in staat, dus prijs! De prijs is een gratis fles bier... jammer. We nemen onze twee kratten mee en gaan terug naar Le Cactus.wanneer we hier aankomen staat er nog een overlander. Het zijn Joke en Frans (klik hier voor hun site) die ook met hun omgebouwde Toyota Landcruiser een nachtje blijven. De twee kleinkinderen van Joan en Andre zijn ziek thuis en we kijken samen met hen en iris en Roderick een tekenfilm op de laptop. Het is erg gezellig.
’s Avonds besluiten we samen met Frans en Joke heerlijk weer te eten bij Joan en genieten volop. We kletsen en drinken een biertje tot in de late uurtjes.

De volgende dag gaan we samen met Iris en Roderick Bamako weer in. We bespreken van te voren de prijs af met de taxichauffeur en gaan eerst ons paspoort ophalen. Dit duurt weer een eeuwigheid, maar we hebben het! Hierna door naar de Ghanese ambassade. Wat een verschil. Iedereen is vriendellijk en hoffelijk. Het kost 12.000CFA voor een visa, maar als je het dezelfde dag terug wil hebben kost het 10.000CFA extra. Doen, anders moeten we drie dagen wachten i.v.m een weekend en een vrije dag voor Ghanezen, vanwege een feestdag. Binnen het uur staan we weer buiten met het visum. Godzijdank checkten we nog even het visum en de datum klopte niet. De ambassadeur heeft het ter plekke nog even aangepast, gelukkig...

Eenmaal buiten begint de taxichauffeur te klagen over de prijs tegen Henk. Henk houdt zijn poot stijf. We hebben immers van te voren onderhandeld! Na tien minuten komen Iris en Roderick ook aangelopen en we rijden door naar de markt ‘artisan’. Hier is het erg toeristisch. Je betaalt hoofdprijzen voor van alles. We zien één masker dat we leuk vinden en de verkoper wil er slechts 100 euro voor. Laat maar... Het enige dat ik koop is een lekkere wijde soepjurk. Waar ik een derde van de vraagprijs voor betaal. Terug bij de taxi, is de taxichauffeur sjacho. Hij sjeest door de stad als een bezetene. Ach jammer dan.

Wanneer we terug zijn bij Le Cactus, is er nog een overlander. Een Nieuw- zeelander met een landrover(klik hier voor zijn site). Erg gezellig. We besluiten Boor mee te nemen naar de bar, waar hij ruzie krijgt met Nico, het mannetje van de bar. Boor heeft nu dus een gaatje in zijn oor, maar ja daar komt hij ook wel weer overheen. ’s Avonds koken henk en ik samen en de Nieuw-Zeelander eet gezellig mee. We doen nog een biertje bij de bar en om half elf gaan we lekker tukken.

Bamako, Mali

Vrijdag blijven we lekker hangen bij Le Cactus. Een medewerker van Le Cactus neemt ons mee naar het sportcomplex om daar gebruik te maken van de wi-fi, draadloos internet. We zitten hier lekker in de schaduw op het stoepje, heel gezellig met Iris, Darrin (nieuw-zeelander) Henk en ik op een rijtje. De rest van de dag spenderen we met kletsen, lekker hangen en een spelletje doen. ’s Avonds kook ik toch maar weer zelf. Het eten hier is super, maar er hangt een prijsje aan en we willen graag genieten van het buffet op zondag, dat schijnt echt super te zijn.

De twee kleine meiden van de camping, Andrea en Joanie, zijn ook erg gezellig en komen af en toe even een kijkje nemen.

Op zaterdag blijven we ook lekker relaxed zitten en genieten van elkaars aanwezigheid. Ook gaan we natuurlijk weer lekker internetten: super, zelfs hyves werkt hier. De avond valt sneller dan verwacht en Darrin en ik gaan op zoek naar iets te eten. We lopen in het pikkedonker met een zaklampje, gelukkig want ze rijden hier als gekken, zonder licht... we vinden niet veel. We kopen een blik groenten voor 2,5€. Ik kook toch maar weer en we eten rijst met blikgroenten en gehakt.

’s Avonds dacht de eigenaar dat we niet meer zouden komen en heeft hij helaas de bar op slot gedraaid. We gaan dus niet al te laat naar bed en genieten van ons lekkere bedje. De volgende morgen haalt Henk al brood en Iris en Roderick en Darrin eten gezellig mee en genieten van een kopje koffie/ thee. Iris en Roderick zijn ook twee fanatieke spelletjes spelers en dus kan ik even mijn hart ophalen. We spelen Boonanza en Machiavelli, erg leuk. Straks gaan we genieten van het buffet. Het schijnt heel veel en erg lekker te zijn, we kunnen haast niet wachten...

Al met al waren de laatste drie dagen dus even heerlijk bijkomen, beetje hangen en relaxen, ook wel eens lekker!!!

Ségou, Mali

Maandag besluiten we toch het visa voor Nigeria aan te vragen. We hebben gehoord dat dit zeer lastig is, dat het wel 4 dagen kan duren, maar we proberen het toch maar. We krijgen een lift tot aan de brug van Roderick en Iris. Darrin rijdt ook mee en dus is het een beetje behelpen, krapjes. Bij de brug nemen we een taxi en zo rijden we door naar de ambassade van Nigeria. Als we er zijn is er ook een Oostenrijker die we een dag eerder hebben ontmoet. Eenmaal binnen moeten we drie formulieren per persoon invullen. De gekste vragen staan erop: heb je aids/hiv, ben je wel een uit het land gezet, heb je tbc gehad, waar ben je allemaal geweest de afgelopen twaalf maanden...etc...

Alles wat nodig is, is: 2 foto’s, drie formulieren, jepaspoort en een kopie van het visa van Mali. Henk gaat meteen op zoek naar een kopieerapparaat. Ook neemt hij het paspoort van Oostenrijker mee, die er niet even netjes om vraagt... Hij stapt bij iemand op een mototje en is binnen no time terug. We leveren de papieren in. De dame weet niet hoelang het kan duren, bel morgen om twee uur maar...

We lopen terug naar de hoofdweg, nadat we vriendelijk een lift hebben gevraagd aan de Oostenrijker die meteen zegt dat er geen plek is... en bedankt he. We vinden na een tijdje zoeken een taxi. De taxichauffeur is een Touareg. Hij vertelt honderduit over van alles en nog wat. Waardoor hij de verkeerde afslag neemt en we in een file komen te staan. Hij maakt drie keer zijn excuses. Ach prima, we hebben alle tijd...

Hij gooit ons eruit bij de markt niet al te ver van de camping. We slaan van alles in en nemen een groen gaar busje voor 100CFA de man terug richting camping: dit is goedkoop, hadden we eerder moeten doen!

Wanneer we terugkomen is de rest nog visa’s aan het regelen en genieten Henk en ik van een boekje. ’s Avonds koken we samen (Roderick was in NL kok) en we maken gebakken aardappelen en een lekkere salade met bonen en rettich, mjammie!

De volgende ochtend gaan Darrin, Iris en Roderick alweer vroeg op pad, op zoek naar alle meer visa’s. Wij moeten wachten en zijn lekker lui op de camping. Om een uur of twaalf komt darrin terug en hij vertelt dat hij in twintig minuten zijn Nigeria visa had... Pottedikkies. Bleek de ambassadeur ooit eens in Nieuw-Zeeland te zijn geweest en had gedacht dat alle blanken racisten waren, maar nee hoor, Nieuw Zeelaand was top!

Hierop bel ik de ambassade en krijg te horen dat die van ons ook klaar zijn. Ik pak de papieren en loop naar de hoofdweg. Henk is niet lekker en blijft lekker thuis. Bij de hoofdweg pak ik een groen busje en geef de naam van de wijk op die me verteld is door Joan. Het duurt even, maar na een hoop gehobbel en gestop, ben ik er. Ik stap uit en begin rond te vragen naar de ambassade. Iedereen roept rechtdoor, rechtdoor... het is best nog een eindje lopen. Opeens zie ik de supermarkt waar we geweest zijn, nou weet ik de weg. Op de weg van de ambassadestopt er een vertegenwoordiger van Nigeria en geeft me een lift tot aan de deur. Merci!

Buiten staat de Oostenrijker ook al te wachten, of ik weet of ze klaar zijn, ja natuurlijk weet ik dat ; )...

Eenmaal binnen mogen we gaan zitten en krijgen we alles terug. We staan met tien minuten weer buiten: mooi! Eenmaal buiten vraagt de Oostenrijker of ik weet waar de ambassade is van Ghana, weet ik wel, maar niet exact... hij biedt me een lift aan (huh, nu opeens wel...) in ruil voor het waypoint van de Ghanese ambassade, okee.

Ik heb in afgeragde taxi’s gezeten, op de grond achterin een landrover, in overbevolkte mini bush-taxi’s, maar nergens voel ik me zo onveilig als bij hem in de auto. Het portier slut niet, hij haalt rare inhaalfratsen uit, scheldt op iedere Afrikaan... Ik ben dan ook blij wanneer we er zijn. Ik bestel meteen een ijskoude cola bij Joan en kom een beetje bij. Henk geeft hem het waypoint en na zijn drankje is hij weer weg.

Hierna koken we met zijn allen pasta en gaan ’s avonds nog even kletsen aan de bar. De volgende ochtend nemen we afscheid en rijden met Roderick en Iris naar Ségou. We komen hier om een uur of drie aan. We willen kamperen bij een hotel. Er zijn er genoeg, maar niet groot genoeg voor ons... tot overmaat van ramp rijden we ook nog een éénrichtings-verkeersweg uit. Iedreen gebaart ons om te draaien, maar met een truck gaat dat niet zo makkelijk... En ja hoor eenmaal op de kruising staan er politiemannen, klaar ons te ontvangen. De meneer wil alle papieren zien en praat te snel. Ik begrijp het echt niet. Ik stap uit voor Iris en Roderick, zij zijn ons nl gevolgd om hen ook te helpen. Opeens zegt de politieman, rijd maar door. Ik klim in de Daf en roep: nu gas geven! Wat een mazzel...
Richting Mopti komen we langs hotel Independance, waar we kunnen blijven. We kletsen het voor twee auto’s van 12000CFA naar 10.000CFA, duur, maar er is een zwembad! We kunnen er in, maar we moeten wel even de stroomkabel omhoog houden. Met we dacht ik een medewerker, maar die begrijpt er niets van. Ik klim dus op het dak en doe het, met knikkende knietjes kom ik er weer vanaf.

Het volgende project is Boris zijn pootje scheren, ontsmetten en met een hechtpleister dichtplakken. Hij heeft zich waarschijnlijk opengehaald aan prikkeldraad. Hierna is hij natuurlijk heeeeeeel zielig en kan hij bijna niet meer lopen... totdat Klaasje een run neemt en Boor dus ook!

’s Avonds eten we curry van Roderick (mjammie!) en drinken we een borreltje en doen een spelletje. Morgen rijden we door richting dogon. Ben zeer benieuwd...

Dogon, Mali

Vanaf het hotel rijden we richting Dogon. We rijden op mooi asfalt en besluiten te bush campen langs de weg voor Mopti. We vinden een mooi plekje en zodra we staan en Boor is uitgeladen komt de eerste op een moto al langs en stopt. Boor heeft zo lang stilgezeten dat hij er meteen achteraan gaat en de moto van iets verderweg keihard ça va begint te roepen...

Voor de rest worden we met rust gelaten en maken we heerlijk frietjes met een salade, mjammie. We slapen niet al te lang uit en slaan bij Mopti rechtsaf richting de Dogon. Het is erg mooi rijden. De route is super en de wegen slecht, maar ach het uitzicht is geweldig. We stoppen voor sanga en besluiten hier een nachtje te blijven. We zoeken een plekje uit het zicht. We rijden een valleitje in en rijden wel drie kwartier rond over rotsen voordat we een geschikt plekje hebben. Als we eenmaal staan hebben we alleen een jongentje met vee die op afstand blijft kijken. ’s Avonds lekker een vuurtje stoken en we blijven lekker lang zitten. We hebben geroosterde vis, gepofte aardappel en een salade, die met twee hele rouwe uien toch wel erg scherp is...

De volgende ochtend staat de ‘vee-jongen’ons al op te wachten met een meneer op een moto met een heleboel verkoopwaar. Wanneer wij ontbijten, wordt de souvenirshop compleet. Hij heeft van alles, maskers, brons, pleerolhouders etc. Na het ontbijt maken we kenbaar dat we voor 40.000CFA drie artikelen willen. Hij vraagt belachelijk veel. Dan voor 40 maar met een cadeau, we doen niet aan cadeus.... Net als we alles klaarmaken voor vertrek is de deal rond! Wij blij, hij ook stiekem.

We rijden door naar Sanga waar het erg druk is en je meteen door iedereen wordt aangesproken om je gids te zijn, ja dag! We rijden door de Dogon verder en we stoppen bij een restaurant waar we lekker couscous eten met veel te taaie kip, maar een lekkere saus. Wanneer we verder willen worden we door de één en de ander een souvenirshop ingetrokken. Na de zoveelste ben ik het zat, iets te veel indrukken vandaag. We rijden verder op zoek naar een plekje en onderweg rennen kinderen achter je aan en het uitzicht is super en dan... normaal gesproken hebben we al veel ergere pistes meegemaakt met overhangende takken en bomen, maar die gaven mee, een baobab doet dat niet en ja... ons wc luik aan flarden! Gelukkig hebben we nog een stuk aluminiumplaat en kunnen we het wel repareren. Op een plekje verderop (tussen de dorpen) staan we stil. We kunnen zo een dal in kijken. Meteen staan er horen kinderen om ons heen en die hebben door dat de hond ze graag wil pakken, dat is een leuk spelletje! Op een gegeven moment gaan ze ook Boris roepen. Dit vind ik niet leuk en noem Boris voor het gemak even ‘kutje’ dit nemen ze even over, maar ze weten dat hij hier niet naar luistert. Op een gegeven moment wordt het donker en gaan ze weg.

De volgende ochtend hebben Iris en Roderick geen oog dicht gedaan en staan de kinderen er alweer. We besluiten door te rijden naar een rustiger plekje. Zodra we staan, ontbijten we met eigengebakken brood van Roderick, lekker en een kopje koffie. Dan ga ik binnen de boel doen en Henk maakt het dakluik.

Na een tijdje komt Henk beneden en is hij niet lekker. Hij gaat even later liggen op bed en neemt zijn temperatuur op. Hij heeft 38,5 iets om de in de gaten te houden...

Dogon – Douentza, naar Sevare, Mali

Die zelfde avond neem ik elk half uur zijn temperatuur op en na een tijdje gaan we aan de paracetamol. Snel daalt de koorts, gelukkig. Ik zorg dat meneer genoeg drinkt en slaap weinig die nacht... De volgende morgen is Henk al een stuk opgeknapt (gelukkig!). We rijden door richting Madougou om inkopen te doen. De Dogon is erg mooi, maar ook al erg toeristisch en dat brengt nadelen met zich mee. We parkeren de wagens en meteen hebben we erg veel bekijks. Henk blijft bij de Daf met Boris en Iris en ik lopen richting de markt. De meute laten we achter ons, net als de gidsen die je niet met rust laten. Aan de rand van de markt voelt Iris zich niet goed. Ze ziet zwarte vlekken en moet gaan zitten. Van de andere kant uit komt Roderick aangelopen en ik trek een sprintje met een vriendelijke meneer op zoek naar flessen water. Ik ren terug naar Iris, die inmiddels op straat ligt, en overhandig de fles. Hierna brengt Roderick Iris naar de Daf waar ze op bed gaat liggen en ik ga verder inkopen doen. Het is een grote markt met zeer veel spullen: mango’s, vetballen, zoete aardappelen, kleden, brood, snoepgoed, plastic bekers... Na een tijdje komt Roderick ook helpen, met twee mannen die we liever kwijt dan rijk zijn. We kopen van alles, ook de kleine uitjes die hier geteelt worden. Wanneer we naar een kraam worden geleid met uitjes waar het erg druk is, wil ik doorlopen, maar dat mag niet! Dit zijn nl de uien van die meneer (mooi zo, dan hoef ik hem geen cadeau te geven voor de ongewilde service, want de uien bij hem zijn schofterig duur...)

Onderweg terug naar de Daf moeten we gaan kijken bij iets? Ik bedank zes keer vriendelijk, ik wil hier weg. Zodra we terugzijn bij de Daf, begint het gehassel: heb je niets? Geen geld, cadeaus?. Ik word boos en vertel hem dat ik niet gevraagd heb om de geweldige service en dat ik veel te dure uien bij hem heb gekocht, dus nee.

We rijden weg richting markt, zo komen we het dorp niet uit... Ik stap uit en loods Henk en de Daf achteruit weer terug door de smalle straatjes en bakkende vrouwtjes. Een meneer staat ook te gebaren naar Henk en ‘helpt’ ook zogenaamd, met andere woorden hij loopt gruwelijk in de weg...

Hij laat ons eenmaal terug een alternatieve route zien. Ik zeg nog tegen Henk laat hem niet meerijden aan de spiegel, dat kost je weer van alles... en inderdaad, voor het vragen naar de weg verlangt hij een flinke som geld. Ik zet mijn verontwaardige gezicht weer op en begin te tieren in het Frans. Dat ik overal de weg gevraagd heb ik Europa, Marokko, Mauretanië, Senegal, Gambia en andere delen van Mali, waar ik nooit hoefde te betalen, dus nu zeker ook niet. (het is erg handig dat ik juf ben en goed boos kan spelen, echt boos worden doe ik allang niet meer, daar heb je alleen jezelf mee...)

We rijden weg en de verkeerde richting in, we keren weer om en kleine kinderen staan op de goede plek enthousiast te wijzen waar de goede weg is...

We rijden door en besluiten te bushcampen bij een rots. Een ontzettende mooie plek, aan de rand van een rivierbedding, waar Roderick zich voor het eerst vastrijdt. We helpen graven en binnen no time is hij er weer uit. Iris en ik nemen nadat we het eten hebben gemaakt, een koude douche met de douchezak poedelnaakt naast de Daf onder de sterren, lekker. Wanneer ik sta te douchen roept iris dat er iemand aankomt, ja jammer dan, diegen hoeft niet te kijken...
Gelukkig rijden ze door. ’s Avonds maakt Henk mooie foto’s, wordt zijn statief ook een keer gebruikt en we kletsen lekker.

De volgende dag rijden we de Dogon uit, onderweg stoppen we in Fombori bij een museum. Een oudere heer vertelt van alles en het is erg leuk. Ik koop hier een tasje voor mijn sigaretten, erg mooi. Ook lopen we daarna naar de grotten van de Tellem. We vragen ons af hoe authentiek het hier is, aangezien de muren uit leem zijn opgetrokken en die het geen duizend jaar volhouden, toch? Ook zouden de Tellem erg klein zijn geweest en de schedels die er liggen, vind ik erg groot... Al met al was het een leuk dorp en hebben we van alles gezien. We gaan weer verder en lunchen ergens langs de weg.

Hierna rijden we door naar Douentza. We stoppen hier om inkopen te doen. Henk blijft zitten en de rest van ons kijken even rond. Het is hier allemaal toegespitst op de toeristen, verschrikkelijk. Alles heeft een prix fixé, dus onderhandelen wat je overal wel doet, doe je hier niet... we kopen het noodzakelijke en rijden door naar een plekje waar we een plekje zoeken om te slapen. Henk voelt zich nog steeds slapjes en dus maak ik voor hem bouillon met rijst. ’s Avonds krijgt hij weer koorts. Het begint weer van voren af aan: ik temp hem om de zoveel tijd en zorg dat hij genoeg drinkt. Weer slapen we de hele nacht niet. De volgende ochtend voelt hij zich weer beter en rijden we naar Sevare waar we bij een hotel overnachten. Het is een mooi plekje. Lekker eten en we hebben weer internet. We doen die middag dan ook niets anders dan genieten van het lekkere eten, koude drinken, douche (!) en we kunnen weer water tanken. Super.

Na een lekker nachtje slapen, gaan we op ons gemakje ontbijten en vertrekken we naar Mopti om inkopen te doen en hierna willen we door naar Djenne, we zien wel waar we stranden, ‘ínsj allah!’ (als allah het wil...)

Sevare – Mopti, mali

Bij Sevare vandaanrijden we door naar Mopti. Er is daar markt en inkopen doen is echt nodis. Bij de markt worden we meteen belaagd door anderen om op onze auto’s te passen. Dit hoeft niet volgens ons. Volgens de mannen is het gevaarlijk, want kinderen laten je banden leeglopen. Henk draait hierop de ventielen zo strak vast, dat wanneer ze losgedraaid worden het alleen door een volwassene gedaan kan worden. We kopen hier van alles in en lopen door vieze straten bezaaid met afval en ruikend naar urine, maar he in welke stad in West-Afrika is dat niet zo?

Nadat we alles ingeladen hebben, rijden we door naar de moskee. We zijn natuurlijk te breed, dus henk stapt uit en gaat op zoek naar de moskee. Ik blijf bij de Daf, wil alleen even lezen. Iris en Roderick kunnen wel doorrijden, zij zijn immers met een landrover niet zo groot...

Ik blijf met Boor in de cabine en van de overkant van de straat roepen de kinderen hun longen uit hun lijf:’Toubabu, donnez moi un cadeua, un stylo, une mille franc, TOUBABU< TOUBABU!!!!’.

Ik doe mijn gordijntje dicht voor de zon... En probeer te lezen. Op een gegeven moment worden ze zo brutaal. Ik word met een klappertjespistool onder schot gehouden en er wordt één mille franc geeïst. Op een gegeven moment word ik bekogeld door een ventje van, uhm vier? Ik stap uit en laat Boor ook even uit en wacht hier op de rest, met de kinderen iets meer op afstand...
Wanneer de rest terug is, wijs ik het kleine mannetje aan en deze rent hard weg, etter...

Vanuit Mopti rijen we door richting Djenne. We houden een kleine pitstop en wanneer we weer verder willen, staat er ineens een groene landrover, Het is Darrin, de nieuw-zeelander van Le Cactus. We begroeten elkaar en kletsen nog even. Ook heeft hij een setje dat Iris vergeten was bij zich. Iris is als een klein kind zo blij! Na flink wat getoeter rijden we door.

Een stukje verderop remt Roderick plotseling. We zien een band rollen over de weg en zetten alles stil. Een auto voor ons heeft een wiel verloren. Er is een bout afgebroken. We stappen uit en helpen. Roderick haalt al zijn gereedschap te voorschijn en Henk kruipt eronder. Ondertussen zorgen Iris en ik ervoor dat de honden even lopen en spelen we agentje, want we staan midden op de weg en het andere verkeer raast als gekken voorbij. Na een uurtje is het probleem zo goed als verholpen en rijden we door. We stoppen niet veel verder bij grote rotsen en parkeren alles. We eten gezellig en liggen er vroeg in, toch een lange dag geweest met veel indrukken.

Djenne, Mali

’s Morgens rijden we op ons gemak verder richting Djenne. Eenmaal daar zien we meteen dat we niet op het pontje passen en we parkeren de daf iets verder weg met Boor erin. Iris en Roderick hebben achterin hun landrover nog plek voor twee, dus we mogen met hun meerijden. Aan de waterkant, waar we een uur moeten wachten totdat de pont weer vol terugkomt, worden we lastiggevallen door souvenirverkopers. Ook lopen er natuurlijk weer horden kinderen om de auto heen. Het is bloedverziekend heet en we willen allemaal maar één ding, de pont op!

Op een gegeven moment komt er een meneer en die eist van ons geld voor het parkeren van de Daf, want het is op zijn land. We weigeren dit ten stelligste en betalen dan ook niets. Toch maken we ons een beetje zorgen over de Daf...

Eenmaal op het pontje staan we met tien minuutjes aan de overkant. We stappen in en rijden naar Djenne. We parekeren in Djenne op het marktplein voor de moskee. We worden meteen belaagd door allerlei mensen met souvenirs, gidsen etc. Na heel wat genegeer, lopen we door en bekijken de moskee. Helaas staat deze in de steigers en is de moskee niet te betreden door moslims en ook niet- moslims. We worden weer aangehouden voor een praatje en er wordt ons toevertrouwd dat je best naar binnen kunt, tegen betaling uiteraard. Aha goede moslims hier... Ik wil hier niets van weten en loop door. We lopen een bieb in en hier rondkijken kost 1,50 euro. Te duur, laat maar. We lopen een hotel binnen en eten er een bescheiden lunch met zijn vijfjes, Klaas is ook mee. Hierna lopen we het marktje over en kopen we een heel groot plastic kleed voor maar 5000 CFA, ongeveer 7,50 euro. Terug bij de auto, claimt een mannetje dat we moeten betalen, want hij heeft op de auto gelet. Ik vertel hem rustig dat dat best kan, maar dan had hij dat van te voren moeten vragen. We hebben niets gehoord en hij heeft niets laten weten van te voren. De meneer druipt teleurgesteld af om even later met wat kleden te komen om te verkopen...Bij de auto koop ik leuke kralenkettingen, 6 voor 5000 CFA. Wanneer we terugrijden en op de pont staan koopt Iris er 30 voor 10.000CFA, verdikkies!!!

Eenmaal weer aan de overkant lopen Henk en ik gauw naar de Daf en begroten Boor hartelijk, godzijdank zit alles nog op en aan de Daf en is er niets kapot gemaakt of gejat. We rijden hiervandaan door op zoek naar een lekker plekje. We vinden een plekje. We moeten over erg veel stenen rijden, dus doen we rustig aan. We komen allemaal een beetje bij van alle hectiek van vandaag....

Naar Faramana, grens met Burkina Faso, Mali

We worden steeds meer Afrikaan. In Mali heb je veel wegen waar je voor moet betalen. Dit is geen probleem, we betalen altijd 500 CFA. Net voor San moeten we ook stoppen en betalen en deze mannen eisen 1000CFA, want we zijn groot. Ik en Henk zijn het er niet mee eens. We laten de oude tickets zien. We laten iedereen wachten achter ons en na een half uur onderhandelen betalen we toch 500CFA. We krijgen steeds meer schijt aan alles en laten ons niet zomaar afschepen...

De grens met Burkina verloopt soepeltjes. In Kouri moeten we ons uit laten stempelen en in Faramana moeten we ons weer in laten stempelen in Burkina Faso.

 


Bekijk foto's van Mali >